De Here laat me op bijzondere manieren zien dat Hij van me houdt, ondanks de fouten die ik heb gemaakt en nog zal kunnen maken.
Eén van de vele misstappen die ik maakte was een verkeerde keuze in relatie. Ik dacht hem te kunnen veranderen naar het beeld van Jezus, omdat Jezus’ karakter zachtmoedig en warm is. Het is een verzadigde liefde en dit verrijkt mijn leven.
Als kind al, had ik een toffe leider in de zondagsschool. Ik herinner me zijn brede glimlach en enthousiasme om over Jezus te praten. Deze zondagsklasleider, Bart Biesbroek, was altijd zo spontaan in het vertellen over Jezus. Hij nam altijd de gitaar mee in de zondagsklas. Eén van de liederen die hij graag zong en ik heb onthouden was het opwekkingslied 86:
‘Zing en speel tot eer van Hem.
Geef je hart en ook je stem
Geef je over aan de Heiland
Laat niets achter in de strijd
Zing en speel tot eer en glorie
Van de hoogste Majesteit’
Dit lied is me altijd bijgebleven. Telkens, wanneer dit lied in mijn gedachten kwam, voelde ik de blijdschap van Gods troon in me opwekken als een fontein van vreugde.
Via Bart leerde ik Jezus kennen als een kindervriend, en nu is Hij nog steeds mijn vriend. Ik kon hem alles vertellen, alles vragen, en Hij zou me nooit teleurstellen. Nu is dit nog steeds zo. Jezus heeft me nog nooit teleurgesteld. Hij heeft me nooit losgelaten.
Zelf toen ik om sneeuw vroeg, kreeg ik meer dan ik durfde dromen.
Dit was op een avond, toen mijn ouders naar een feestje vertrokken ergens in december. Mijn meme woonde vlak naast ons en daardoor was het gemakkelijk om eens een oogje toezicht te houden op mij. Ik was een kind van een jaar of 8? Hoe oud ik precies was speelt nu geen rol. Dit ging om iets wat mijn kindervriend Jezus voor me deed. Tante Christine was die avond bij meme om voor me te zorgen. Toen tante Christine me in bed wou stoppen vroeg ik of het zou sneeuwen morgen. Ze glimlachte naar me en zei: “Maaike, Arno -dat was onze weerman van BRT 1- zegt dat het te warm is voor sneeuw. Het zal niet sneeuwen.” Ik zei dat ik daarvoor ging bidden, dat Jezus wel voor sneeuw zal zorgen want ik wou in sneeuw spelen. Tante Christine lachte even en zei met een lachende zachte stem; “Als jij dat aan Jezus wil vragen, mag je dat doen, maar het zal niet sneeuwen Maaike.
Mijn tante deed de gordijnen dicht van mijn kamer, gaf me een kruisje op mijn voorhoofd en deed de deur dicht. Ik hoorde haar de trap aflopen en al heel snel was ik uit bed gesprongen en trok de gordijnen open. Ik keek naar een mooie heldere sterrenhemel in het donkerste van de nacht. Toen ging ik op mijn knieën en legde mijn gevouwen handen op de vensterbank. Mijn ellenbogen konden er niet op. Ik kon nauwelijks mijn kin op de vensterbank houden maar ik keek omhoog naar de sterrenhemel en realiseerde dat Jezus daar al op me wachtte. Ik bad: “Jezus, ik zou morgen graag willen spelen. Kunt U voor sneeuw zorgen? Ik zou graag een sneeuwpop willen maken Jezus.”
Ik deed de gordijnen dicht en ging terug in bed liggen. Een weinig later hoorde ik de deur opengaan. Mijn tante kwam kijken of ik wel flink was.
’s Morgens toen ik wakker werd, kon ik precies de sneeuw al ruiken. Al gauw liep ik naar het vensterraam en deed de gordijnen open. WAUW! Wat een groot sneeuwtapijt! De grond was ongeveer 50 meters diep en 20 meter breed achter het huis. Wat een fun!
Snel stormde ik in een overweldigende blije stemming de kamer uit en luidkeels riep ik: “Tante, tante Christine! Het is gesneeuwd! Jezus heeft sneeuw gegeven!” Mijn tante keek me verwonderend aan en was blij voor mij. Ja, ze was er zelf blij van. Al begreep ze het niet, wat voor een vriend mijn Jezus was, Hij was mijn kindervriend, en nu nog steeds!
Mijn tante keek me aan in mijn fonkelende ogen en zei: “Maaike, je moet eerst een boterhammetje eten, dan mag je buiten spelen.” Ik at mijn boterhammetje en hoorde meme praten met mijn tante om mijn voeten goed te beschermen tegen de koude, maar dat was mijn zorg niet. Ik wou mijn sneeuwpop maken en genieten van bovennatuurlijk genot dat ik van mijn vriend Jezus heb gekregen en sneeuwballen gooien!
Jezus is nog steeds mijn beste vriend. Ik kan met al mijn tekortkomingen naar hem toe gaan. Hij is er altijd. Hij leeft in mij, en geeft om mij.
Toen ik er spijt van had de verkeerde relatie eruit gekozen te hebben werd ik bedroefd. En eigenlijk was hij het die me eruit koos. Ik had te doen met hem en daar maakt hij misbruik van. Maar Jezus troostte me op een speciale manier.
Ik ging boodschappen doen in de Aldi en er zat een muntstuk ik de boodschappen kar. Het eerste waar ik aan dacht was: ‘Lol, iemand heeft vergeten het muntje eruit te halen.’ Dezelfde dag ging ik naar de Lidl, en precies hetzelfde, er zat opnieuw een muntje in de kar dat ik wou nemen. Ik dacht; ‘He, nog eens! Wat een toeval.’
En diezelfde dag nog toen ik iets nodig had in stad en mijn auto parkeerde, lagen er nog munten in het bakje me op te wachten waar ik een parkeerticket moest nemen.
Omdat ik al een paar dagen aan het treuren was merkte ik op, dat dat Jezus wel eens kon zijn. Wou Hij me opbeuren? Toen ik het door had, dat dat inderdaad Jezus was , werd dit bevestigd door blijdschap in mijn hart te voelen. Het werd een fontein van blijdschap. Het waren kleine munten van 50 cent. Maar dit was een stimulans om te weten dat zelfs wanneer je een fout maakt in het leven, Jezus dit bedekt met Zijn bloed. Je bent en blijft rechtvaardig in Gods ogen omdat Hij naar jou kijkt door Zijn Zoon Jezus. In Jezus ben je volmaakt, al denkt de wereld en religieuze mensen daar anders over. Ik ben gelovig, niet religieus. Ik leef niet naar wetten van zonde, maar door Zijn Geest. Daardoor zal ik mezelf niet onderscheiden van anderen, zo helpt de genade mij. Gods Geest onderwijst me. Ik leer gehoorzaam te zijn aan Gods Geest. Hij vormt me naar het beeld van Jezus.
Fouten maak je altijd, vooral met mensen. Daarom hebben we een redder nodig. En niet zomaar een redder; iemand die weet wat je moet doorstaan, iemand die op je wacht om voor je te werken, iemand die de brug naar je hart legt in liefde. Jezus, mijn Redder, mijn Vriend. Niets is voor Hem te veel of te min. Hij heeft legerscharen engelen die voor hem werken. We moeten het gewoon maar aan Jezus vragen. Niets is voor Hem onmogelijk te doen, als je er maar in gelooft. Zonder geloof heb je niets. Dat is de reden dat wanneer je bidt als een kind , dat daar zoveel kracht en leven in uitspruit. We bidden met ons hart, niet met ons verstand. Ons verstand kan niet vatten wat God kan doen.
Mensen zeggen vaak; je denkt niet realistisch. Wat is realistisch voor God? Voor God is realistisch op water lopen, de zee in tweeën splijten, een muntstuk uit een vis halen, 3 dagen in een vis leven en dan eruit gespuugd worden op land, David die strijd tegen Goliath met kleine stenen, uit de doden opstaan, … satan doet alles om onze gedachten op het kanaal ‘beperkt denken’ te zetten; Daardoor durven zelfs christenen niet meer dromen dromen want ze zouden eens van de duivel moeten zijn! Och, als je zo denkt, dat heeft hij al bezit genomen van je denken. God spreekt door ons hart, daar waar Jezus troont, en niet in ons verstand. Het verstand komt later aan de beurt om satan uit deze droom te houden. Maar God zal eerst een verlangen in ons hart leggen zodat we daar kunnen naar verlangen en over dromen en door gebed er kracht in leggen.
Onderwerp je dromen aan Gods dromen en ze zijn zeker ok! Als we niet meer mogen dromen zou dit vermeld staan in Gods Woord, De Bijbel; mensen vertellen soms eigen waarheden die niet gelijk lopen met Gods Woord. Satan wint wanneer hij ons kan weerhouden van dromen te dromen dat God in ons hart legt. Want die dromen hebben een enorme kracht. Geloven in wat we zien is werelds denken, op niveau van wat satan ons wil laten geloven. Maar ik, ik heb ondervonden door eerst te geloven en je bidt daarvoor, zoals ook in de Bijbel staat geschreven, je het al ontvangen hebt.
Soms kan het lang duren voor je het ontvangt. Maar Jezus zegt, waar er minstens twee samen komen in Zijn Naam, daar is Hij in hun midden; maar als die mensen niet in je dromen geloven kan het wel eventjes duren voor je je droomt ontvangt. Het kan een strijd zijn om geboorte te geven aan je dromen in de spirituele wereld. Of een ander reden kan zijn, God heeft iets beter voor jou maar je wilt het nog niet zien. En zolang je het niet zien kan, kan je er ook geen kracht aan geven om ervoor te bidden.
Maar ik heb ook geleerd geen reden te zoeken in het al of dan niet ontvangen van het gebed. Ik weet dat ik het ontvangen heb en daarbij onderwerp ik mijn gedachten, hart en ziel onder Gods gedachten hart en ziel; Hij werkt het uit voor mij. Hij weet precies wat ik nodig heb. Hij zal me geen steen geven als ik om een brood vraag! Maar als ik om een steen vraag zal Hij het niet geven. Brood is in overvloed omdat dit leven geeft. En Jezus is gekomen om leven te geven.
Eens je van de liefde van Jezus hebt geproefd, weet je precies wat je nodig hebt in de relatie. Zijn liefde maakt je compleet. Zijn liefde doet je verlangen naar meer. Hij maakt gebroken harten zelfs heel.
Zijn liefde is omschreven in Gods Woord, in het 1ste Korintiërs brief van Paulus, hoofdstuk 13: Verdraagzaam, lankmoedig, niet afgunstig, praalt niet, is niet opgeblazen, zoekt zichzelf niet, kwetst niemand gevoel, wordt niet verbitterd, rekent het kwade niet toe, is niet blij met ongerechtigheid, is blijde met de waarheid, bedekt de anders fouten, geloof, hoopt en verdraagt alles.
Nooit heb ik van een relatie kunnen proeven dat God voor me heeft bedoeld. Maar daar komt verandering in. Hij geeft me niet zomaar een man. God geeft me een man waarmee ik succes zal mee hebben, een man die echt van me houdt zoals God het heeft bedoeld en Hij doet er nog een schep bovenop. Hij maakt de jaren goed dat satan me heeft gestolen.